Ik heb voor het eerst – voor zover ik me kan herinneren – een wedstrijd afgezegd vanwege het weer.
Grappig genoeg was ik vorig jaar rond exact hetzelfde tijdstip in Noorwegen. Onder aantoonbaar lastigere omstandigheden. Meer sneeuw, slechter zicht, kouder. De reactie daar? Opluchting en vreugde. "Yes, sneeuw! Eindelijk weer langlaufen, skiën, winter."
Binnen no time stonden de Noren in standje sneeuw. In Nederland lijkt vooral standje paniek te zijn ingeschakeld.
Afzeggen is geen makkelijke beslissing. Allereerst omdat je niet in de toekomst kunt kijken. Je moet niet alleen heen, je moet ook weer terug. Dat laatste kan twee uur later zijn, maar net zo goed acht uur later. En in acht uur tijd kan het weer in Nederland moeiteloos van “het valt wel mee” naar “oei” gaan.
Daar komt bij dat je meestal niet alleen rijdt. Je hebt anderen in de auto. Vaak niet eens je eigen gezinsleden. Dat brengt toch net iets meer verantwoordelijkheid met zich mee dan alleen je eigen risico-inschatting.
Bij het NOJK vorige week was het ook bingo. Veel reacties. Veel meningen.
Voor sommige teams was het blijkbaar erger dat ze niet mee konden doen dan voor andere teams (sic), zo leerde ik. En natuurlijk werd ook het woord verantwoordelijkheid driftig in de mond genomen. De verantwoordelijkheid van de Nevobo, bijvoorbeeld.
Mijn blogs zijn regelmatig kritisch op de Nevobo, maar in dit dossier doen ze een aantal zaken gewoon terecht. Het is niet aan de Nevobo om te bepalen of een sporthal stevig genoeg is om in te spelen. Het is ook niet aan de Nevobo om te beslissen dat jij niet naar een wedstrijd mag rijden omdat je te veel alcohol op hebt. En het is óók niet aan de Nevobo om te bepalen of het verantwoord is om met code oranje de weg op te gaan.
Daar hebben we instanties voor. Gemeente, bouwtoezicht, politie. En het KNMI. Die laatste doen dat met waarschuwingen: geel, oranje, rood.
De Nevobo gaat niet op de stoel van die instanties zitten. Wat de Nevobo doet – en terecht, wat mij betreft – is het faciliteren van besluiten op basis van die waarschuwingen. Daarom staan er geen sancties op het afzeggen van wedstrijden bij code geel of oranje. Je speelt ze gewoon op een ander moment.
Daar zit alleen we; een kleine adder onder het gras.
Het NOJK bijvoorbeeld, is niet bepaald “even te verplaatsen”. Ik zeg niet dat het onmogelijk is, maar eenvoudig is het zeker niet.
Misschien zijn daar andere regels voor te bedenken. Zoals er wel meer andere regels te bedenken zijn.
Verrassend detail: die kun je zelfs laten invoeren!
Want het aardige is: de Nevobo is nog altijd een vereniging. Met democratische besluitvorming. Dat klinkt tegenwoordig misschien exotisch, in een tijd waarin mannen met oranje haar op het hoogste niveau laten zien dat gezamenlijkheid, regels en collectieve afspraken vooral hinderlijk zijn. Egoïsme en recht van de sterkste is daar het leidend principe.
Maar binnen de volleybalwereld werkt het nog gewoon.
Via club, clubbestuur en regiovertegenwoordiger kunnen er vragen gesteld worden in de Bondsraad. En op basis daarvan kunnen wijzigingen worden voorgesteld.
Bijvoorbeeld:
- Code oranje betekent automatisch afgelasten bij de jeugd.
- Een vaste extra speeldag inroosteren voor het NOJK, misschien standaard op zondag.
- Het NOJK niet meer in januari of februari, maar drie opeenvolgende weken in april.
- Als een geplaatst team afzegt, is het automatisch geplaatst voor de volgende ronde.
Daar zitten uiteraard mitsen en maren aan. De huidige regels en protocollen zijn ook niet ‘zomaar’ ontstaan. Maar zolang volleybalverenigingen en bestuurders zich niet Trumpiaans gaan gedragen, kan dit soort zaken gewoon besproken worden.
Internationaal zijn dit soort paden inmiddels zeldzaam. Maar totdat Peter Sprenger of Joëlle Staps oranje haarverf gaat kopen, is het binnen de Nevobo nog prima mogelijk om ideeën daadwerkelijk gerealiseerd te krijgen.
Al zijn clubs die in een oranje shirt spelen of met een rode pet inmiddels wel enigszins verdacht.
Want democratie en gezamenlijke afspraken bestaan bij de gratie van collectiviteit. Internationaal is dat inmiddels een open vraag. De volleybalwereld is, gelukkig, voorlopig nog verenigd.



Reacties
Een reactie posten